Jacobus L.
"De Zigeunerkoning".
Jacobus L. werd geboren in Apeldoorn. Hij zou een van de topfiguren zijn in de onderwereld. Op 17 mei 1991 werd in de haven van Rotterdam een partij van 357,5 kilo cocaïne onderschept op het Deense schip "Elisabeth Boye". Deze partij werd door het zogenoemde CoPa-team toegeschreven aan Kobus L., die de partij samen met Desi Bouterse en Iwan G. zou hebben gesmokkeld. 
Op 15 of 16 mei 1994 werd de bende van L. door politie en justitie opgerold. L. kon kort voor zijn aanhouding onder het oog van een verzamelde politiemacht ontkomen in zijn Mercedes, door onder meer tegen het verkeer in te rijden. Vlak voor hij zou worden gearresteerd bij woonwagenkamp De Kievit in Rotterdam verdween hij met hoge snelheid uit het zicht. Zijn auto werd later teruggevonden in de buurt van vliegveld Zestienhoven. Korte tijd later werd hij alsnog gearresteerd. 
L. werd ervan verdacht leiding te hebben gegeven aan een criminele organisatie, die op grote schaal verdovende middelen zou hebben geïmporteerd en die via de auto-, caravan-, en camperhandel voor ettelijke tientallen miljoenen guldens aan misdaadgeld zou hebben witgewassen. 
Bij de politieactie werden invallen gedaan bij drie banken en bij het autobedrijf van een bekende autohandelaar. Via een lease-constructie reed een groot aantal bendeleden in Mercedessen van het autobedrijf. Er werden op 28 plaatsen in onder meer Rotterdam, Middelharnis, Zwijndrecht en Krimpen aan den IJssel huiszoekingen verricht. Daarbij werden zeven verdachten aangehouden, onder wie de echtgenote van L..
Op 16 februari 1995 begon het proces tegen L.. Volgens justitie was hij de oprichter en leider van “een permanent, gestructureerd, crimineel samenwerkingsverband”. Volgens het dossier van justitie omringde L. zich met personen die ieder voor zich een uitgebreid crimineel verleden hadden en op hun beurt weer leiding gaven aan criminele organisaties. 
De bende van L. importeerde volgens justitie heroïne uit India, hennep uit Nigeria en hasj uit Marokko. De bende exporteerde onder andere amfetamine en xtc. 
De bende zou banden hebben gehad bij een hoge medewerker van het consulaat-generaal van Marokko in Rotterdam die volgens justitie zou hebben geassisteerd bij de smokkel van hasj uit Noord-Afrika. Een accountant uit Middelharnis zou de bende fiscaal hebben ondersteund. Een advocaat, een bankdirecteur en een medewerker van de Kamer van Koophandel zouden hebben geholpen bij het opzetten van witwastrajecten.
Op 11 februari 1997 werd Kobus L. door het hof in Den Haag veroordeeld tot 15 jaar celstraf en 1 miljoen gulden boete. Deze uitspraak werd in 1998 door de Hoge Raad bekrachtigd. Op 19 november 1999 beëindigde hij een hongerstaking van 5 dagen. Hij wilde daarmee overplaatsing afdwingen naar een minder strenge gevangenis. Op dat moment zat hij vast in de EBI in Vught. Volgens familieleden zou hij vlak na de kerstdagen opnieuw in hongerstaking zijn gegaan,maar justitie spreekt dit tegen. Jacobus L. zou ook samen hebben gewerkt met het Surikartel. Volgens bronnen binnen justitie en defensie zou de Joegoslavische misdaadbaas Arkan hem tijdens de millenniumwisseling hebben willen bevrijden uit de gevangenis. Er waren daarom legereenheden rond de EBI geplaatst. 
In februari 2003 oordeelde het Europese Hof voor de Rechten van de Mens dat de detentie van L. in de EBI in Vught jarenlang inhumaan en mensonwaardig was. De advocaten van L. eisten daarop onmiddellijke invrijheidsstelling. Die eis werd afgewezen. L. spande een kort geding aan en de rechter besloot dat hij vrijgelaten moest worden. In november 2003 kwam hij vrij. 
Over L. zouden verhalen de ronde doen dat hij voor andere criminelen klusjes opknapte, zoals wanbetalers overtuigen om te betalen. Zo zou een man in een vleeskoelcel aan een haak zijn opgehangen en daarna zijn bewerkt met een kettingzaag.