Abraham Maarten Moszkowicz
Bram Moszkowicz werd geboren op 26 juni 1960 in Maastricht. Hij ging rechten studeren in Amsterdam en werd advocaat. Zowel zijn vader Max als drie broers zijn eveneens advocaat.
Moszkowicz heeft meerdere beroemde en beruchte mensen als cliënt gehad. Zo was de Surinaamse legerleider Desi Bouterse cliënt van Moszkowicz. Ook bekende namen als Cor van Hout, Willem Holleeder, Willem Endstra, politicus Geert Wilders en voetballer Robin van Persie zijn of waren cliënt van Moszkowicz.
Moszkowicz was de advocaat van Walter D. in december 1994. D. kwam toen op vrije voeten na een vormfout. De procureur-generaal was echter vergeten dat D. uitgeleverd moest worden aan Schotland. Moszkowicz verklaarde dat de procureur-generaal had moeten weten over de uitlevering, maar dat het niet zijn taak als advocaat was om het OM daar op te wijzen.
De verdediging van Desi Bouterse kwam Moszkowicz op kritiek te staan. Men zou zich hebben gestoord aan de manier waarop Moszkowicz met Bouterse omging. Zo verschenen beide op televisie, armen om elkaars schouders en later dansend op de dansvloer in Paramaribo. Volgens Moszkowicz waren deze beelden verdraaid. Hij zou hebben staan dansen met een vrouw en toen was Bouterse er plotseling bij komen staan. Volgens de verslaggevers van Nova was het juist andersom en was Moszkowicz bij Bouterse gaan staan. 
Volgens Willem Endstra werd hij op het kantoor van Moszkowicz bedreigd door Willem Holleeder en enkele Joegoslaven.
Aan het begin van 2007 sleepte Moszkowicz Quote-hoofdredacteur Jort Kelder voor de rechter. Kelder had hem in een column 'maffiamaatje' genoemd en had verklaard dat Moszkowicz koffers vol crimineel geld zou hebben aangenomen van zijn cliënten. 
Op 16 februari 2007 kwam het ANP met een artikel met als kop: 'Moszkowicz lekte stukken over cliënt Endstra'. Vanuit het kantoor van Moszkowicz zouden volgens het artikel stukken zijn gelekt naar de media met als doel het zwart maken van Willem Endstra. In die de tijd dat de stukken zouden zijn gelekt, was Moszkowicz nog de advocaat van Endstra. 
Op 15 februari 2007 verloor Moszkowicz het kort geding tegen Jort Kelder op alle punten. Volgens de rechtbank werden uitspraken over te innige contacten tussen Moszkowicz en zijn cliënt Holleeder onderbouwd door feiten en was de relatie tussen de twee niet  'puur zakelijk'. Moszkowicz tekende hoger beroep aan. De nabestaanden van Willem Endstra dienden op 15 februari een klacht in tegen Moszkowicz bij de deken van de Orde van Advocaten in Amsterdam, vanwege het in hun ogen dienen van twee belangen: dat van Willem Endstra en zijn vermeende afperser Willem Holleeder. 
Op vrijdagavond 16 februari 2007 werd Moszkowicz door de politie uit zijn kantoor in Amsterdam gehaald omdat er een acute dreiging zou zijn. Hij werd, zo viel te lezen in de vele artikelen in de zaterdagkranten, door agenten beveiligd en zou voor een, al eerder geplande vakantie, naar het buitenland zijn vertrokken. Volgens sommige kranten werd hij in het buitenland ook beveiligd. 
Op 19 februari stond er een artikel in de krant dat de dreigingsanalyse was overdreven. De tip over de bedreiging zou al weken eerder zijn binnengekomen en toen niet als dreigend genoeg zijn beoordeeld. Op dezelfde dag gaf Moszkowicz een persconferentie waarin hij bekend maakte dat hij niet langer de verdediging van Willem Holleeder zou voeren. Volgens hem was hij 'vogelvrij' verklaard door politie, justitie en rechter. 
Op 28 februari stond in het AD dat de bedreiging van Moszkowicz uit de kennissenkring van Holleeder zou zijn gekomen. In augustus 2006 al zou een bekende van Holleeder hebben gezegd dat Moszkowicz er maar beter voor kon zorgen dat Holleeder goed verdedigd zou worden. Volgens justitie zou Moszkowicz eerst door Holleeder zijn beveiligd en daarna zou hij 'in de tang zijn genomen'. 
In augustus 2009 eiste Moszkowicz namens zijn cliënt Harry S. een schadevergoeding van de Nederlandse staat van ongeveer 800.000 euro. Volgens Moszkowicz zou S. door toedoen van het OM in de publiciteit volledig zijn afgebrand en kon hij kansen op de arbeidsmarkt vergeten. 
Op 28 augustus 2009 besliste de rechtbank in Amsterdam dat er geen schadevergoeding werd toegekend. 
Moszkowicz was de advocaat van Harry S. en Donald G. toen die op 4 oktober 2011 werden gearresteerd op verdenking van betrokkenheid bij afpersing en witwassen. 
Het OM vond dat Moszkowicz niet zowel S. als G. kon bijstaan in dezelfde zaak. Moszkowicz eiste op 7 oktober 2011 van de raadskamer van de Amsterdamse rechtbank dat hij beide cliënten mocht bezoeken en bijstaan.
Op 15 mei 2012 werd bekend dat Bram Moszkowicz per direct het familiekantoor Moszkowicz Advocaten in Amsterdam had verlaten. De maatschap in Amsterdam werd ontboden. Volgens een persbericht omdat "Mr. Abraham Moszkowicz naast de advocatuur ook nog andere werkzaamheden verricht".